“Je hoeft niet je hele leven op z’n kop te zetten om bij te dragen aan een verwelkomende samenleving”

Geschreven door: Patrick van Wersch    

“Als we met dure cadeaus aankomen voelen ze zich misschien ongemakkelijk”, zegt Evelien. “Je weet dat ze niet willen dat we dingen betalen. Laten we rondvragen bij vrienden of zij iets leuks hebben. Als Laila en Amer dat goed vinden, natuurlijk.”

Evelien Dietvorst (29) waardeert hoe duidelijk de Syrische familie met de rest van de Samen Hier groep communiceert over wat ze wel en niet willen. Dat begon gelijk bij de tweede ontmoeting, in een kindermuseum. Er werden drankjes gehaald voor de kinderen. Daarna nam Laila Evelien even apart: “Wij hebben vijf kinderen en niet veel te besteden. Met de metro gaan is al te duur, laat staan drankjes halen. Als jullie betalen, moeten wij het terug doen. We willen graag veel met jullie samen doen, maar dan liever gratis.”

Normaal doen en tegelijkertijd cultureel sensitief zijn; het typeert deze Rotterdamse Samen Hier groep die al meer dan een jaar actief is. Afgelopen zomer kwamen ze samen om het ‘einde van corona’ te vieren met een barbecuefeestje in het park. De maanden daarvoor had de groep elke week de kinderen een paar uur op sleeptouw genomen om Laila en Amer rust te gunnen. “Net zoals ik bij een vriendin zou doen”, zegt Evelien. “Wat wij toevoegen aan het gezin – en zij aan ons – zit in dit soort kleine dingen. Niks groots en meeslepends dus.”

Het was een bijzonder en leerzaam jaar waarin Evelien, promovenda in kind en jongvolwassenen psychiatrie en psychologie, zich soms heeft verbaasd over de (on)mogelijkheden van inburgeren in Nederland. Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat kinderen van ouders die niet in Nederland zijn opgeleid, vaker een laag schooladvies krijgen. Zo doet de oudste van het gezin er alles aan om naar de havo te kunnen maar is haar niveau begrijpend lezen daarvoor mogelijk te laag. “De Cito-toets sluit niet aan bij kinderen die pas vier jaar in Nederland zijn”, merkt Evelien op. “Toets hen dus later of pas de toetsen aan, zou ik zeggen. Natuurlijk hoeft het advies niet altijd het hoogste te zijn, maar het moet wel passen.”

Dat het systeem niet helemaal klopt, blijkt volgens Evelien ook op subtielere wijze. Toen een van de meiden hulp vroeg bij een werkstuk was de groep daar graag toe bereid. Later, in de klas, kreeg ze meteen de vraag of ze hulp had gehad. “Een leerling met Nederlandse ouders had die vraag denk ik niet zo snel gekregen”, aldus Evelien, “ook al worden die natuurlijk ook best wel eens geholpen”. De groep heeft na dit voorval veel met elkaar gesproken. Over dat er een groter probleem is dat zich in hun wereld op kleine schaal manifesteert. Evelien: “Onze discussies krijgen meer inhoud door deze achtergrondverhalen. Maar ik vraag me steeds vaker af hoe we dit naar een hoger niveau kunnen tillen.”

Daarmee doelt Evelien op de uitdagingen rond integratie en dat veel mensen dit als een taak zien van de overheid. De academica vindt dat communities het beste zelf kunnen luisteren en verbinden met nieuwkomers en integratie als een wederzijds proces kan worden gezien. “Mensen in je naaste omgeving enthousiast maken, bijvoorbeeld om mee te doen aan Samen Hier, is een goed begin. Maar je kunt het niemand opleggen, je moet zelf willen. Ik heb vrienden die interesse hebben om iets te doen met mensen die naar Nederland zijn gevlucht, maar de stap zetten komt er meestal niet van. Ik wil dat iedereen weet dat je echt niet je hele leven op z’n kop hoeft te zetten om bij te dragen aan een verwelkomende samenleving.”

Voor Evelien zou die bijdrage ook kunnen zitten in haar wetenschappelijk onderzoek. De ervaringen van het afgelopen jaar zouden daar zeker effect op kunnen hebben, geeft ze aan. “Het kan richting geven”, denkt ze. “Het is geen toeval dat ik hierin terechtkom en dat ik mij aangetrokken voel tot thema’s als inburgering en het effect daarvan op kinderen.  Ik wil dat alle jongeren in Nederland dezelfde kansen krijgen. Daarnaast zou ik graag meer inzicht willen krijgen in methoden om inburgering een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle Nederlanders te maken.”

Momenteel doet Evelien onderzoek naar de invloed van de coronapandemie en bijbehorende maatregelen op emotioneel welzijn van kinderen. Daarvoor moest een promovideo worden gemaakt en met Laila’s goedkeuring mochten de kinderen figureren. “Ze vertrouwt erop dat we het goed doen en andersom is dat vertrouwen er ook”, reflecteert Evelien. “Laatst vroeg ik aan Laila of ze het goed vindt dat wij zo’n invloed hebben op haar gezin. Haar antwoord ontroerde mij: ‘Ik heb jullie gekozen om hen te beïnvloeden’.”

“Het zit in ons systeem”, zo beschrijft Evelien het gevoel in en over de groep. Als het vriest, komt al gauw de vraag waar er samen geschaatst gaat worden. Als het lekker weer wordt, is een plan om te zwemmen in de Kralingse Plas snel gesmeed. En bij verjaardagen gaan de kaartjes als vanzelfsprekend heen en weer. De groep gaat niet alleen door, maar breidt ook uit; twee leden hebben een kindje gekregen. Evelien: “Laila en Amer hebben er als ervaren ouders een nieuwe voorbeeldfunctie bij. Zo blijven we van elkaar leren.”

Deze Samen Hier groep bestaat uit Roel en Lisa, Paulien, Robin, Evert en Renske, Roland en Evelien, Laila en Amer, Zahra, Melek, Joud, Mustafa en Mohamed.