Aan het woord: Cultureel Ambassadeur Mohamed

“Ik was zo bang voor de overheid dat ik niet durfde aan te geven dat mijn naam verkeerd gespeld was”

Verhaal door: Sophie Zwaal & Maartje Scheijen 

In 1997 vluchtte Mohamed op jonge leeftijd vanuit Irak naar Nederland. Twintig jaar praatte hij niet over zijn vluchtelingenachtergrond, uit angst voor negatieve reacties en uit wantrouwen voor de overheid. Afgelopen jaren is er veel veranderd. Mohamed is niet meer bang en wil vluchtelingen helpen met de problemen waar hij als nieuwkomer zelf ook mee worstelde. Mohamed is daarom Cultureel Ambassadeur bij Samen Hier en ondersteunt Welkom Groepen en vluchtelingen bij het overbruggen van taalbarrières en culturele verschillen:  “Bij Samen Hier kan ik vluchtelingen helpen met hun angst voor het onbekende.”

Het moment dat Mohamed in 1997 voor het eerst als vluchteling aankwam in Nederland zit nog scherp in zijn geheugen. Het was een tijd waarin hij zich erg verloren voelde en Nederland niet direct als thuis aanvoelde. Mohamed was de Nederlandse taal niet machtig en vond daardoor moeilijk zijn weg door het bureaucratische systeem. Bovendien had hij geen vrienden of familie in Nederland, en dus niemand die hem hierbij kon steunen.

Mohamed was daardoor angstig. Hij verstopte zich bijvoorbeeld voor agenten, bang om opgepakt en mishandeld te worden. “Ik ging als nieuwkomer nooit naar instanties zoals VluchtelingenWerk, omdat ik vreesde dat ze mij zouden verklikken bij de Irakese regering. Iedereen die vlucht vanuit een oorlogsgebied behoudt voor lange tijd angst, ook al ben je gevlucht naar een veilig land zoals Nederland.” Voor Mohamed bracht zijn wantrouwen tegenover instanties ook praktische problemen met zich mee. “Ik wilde de Nederlandse overheid niet tegenspreken en durfde daarom niet eens aan te geven dat mijn naam verkeerd gespeld was.”

Het contact met Mohameds familie werd door zijn angst moeilijker. Mohameds ouders waren vanuit Irak gevlucht naar Iran, maar hen opbellen vanuit het AZC vond hij een te groot risico. Hij was bang dat de Nederlandse overheid dan niet meer zou geloven dat hij uit Irak kwam. Hij besloot, elke keer als hij zijn ouders opbelde, naar een telefooncel op tien kilometer afstand van het AZC te gaan.

Daarnaast kreeg Mohamed te maken met het overweldigende Nederlands bureaucratische systeem. “In Irak stuurden overheidsorganisaties nooit brieven, maar in Nederland wordt alles op papier vastgelegd. Het kostte mij veel energie om hieraan te wennen. Niet alleen vanwege de taal die ik nog niet kende, maar ook omdat ik niet kon omgaan met de grote hoeveelheid brieven, procedures en afspraken waar ik mee te maken kreeg. Voor deze angst onder vluchtelingen, en de wirwar van het bureaucratische systeem waar we in terecht kwamen, was in de jaren negentig weinig aandacht. We moesten het vooral zelf uitzoeken.”

Een ander perspectief

Mohamed kreeg in 2006 een verblijfsvergunning. Hierdoor kon hij starten met school en vond hij werk in de beveiligingssector. Ook heeft hij inmiddels een vrouw en kinderen en is hij helemaal op zijn gemak met het bureaucratische systeem. De angst die hij eerst voelde heeft nu plaatsgemaakt voor waardering voor de vrijheid die hij heeft in Nederland. “Ik ben nu een compleet ander mens dan twintig jaar geleden. Ik heb een grote vriendengroep waarin veel verschillende culturen voorkomen en kijk daardoor vanuit een ander perspectief dan eerst. Kenmerkend aan Nederland is voor mij de vrijheid en tolerantie. Ik heb geleerd dat je jezelf mag zijn.” Ook de eerlijkheid en directheid van Nederlanders valt Mohamed op. “In de Arabische cultuur heet je iedereen altijd welkom. In Nederland ben je vrij om te zeggen: ‘Vandaag even niet’.”

Mohamed wil bij Samen Hier zijn ervaring graag delen met nieuwkomers én locals voor meer bewustwording. “In de huidige generatie vluchtelingen zie ik ontzettend veel van mijzelf terug. Ook zij durven vaak niet afwijzend te reageren op verzoeken en vragen, uit angst dat dit negatieve gevolgen zal hebben voor hun verblijfsvergunning. Als je opgroeit met het idee dat je niet zomaar alles mag zeggen, is dat lastig om los te laten.” Mohamed wil nieuwkomers inspireren om zichzelf te zijn en hen houvast bieden in hun nieuwe woonplaats. “Vroeger was ik bang voor de beveiligers in het AZC. Nu werk ik zelf als beveiliger!”

 

Woon jij in Den Haag en wil jij je net als Mohamed ook inzetten voor een inclusieve en verwelkomende samenleving? Klik dan hier om te zien wat jij kan doen!